Monografie Johan Polet

Op maandag 24 en maandag 31 december is het museum geopend

1

Monografie Johan Polet

Monografie Johan Polet

Deze Publicatie verscheen t.g.v. de tentoonstelling Johan Polet. Beeldhouwer, van 23 september 2018 t/m 6 januari 2019 te zien in Museum MORE in Gorssel. De publicatie maakt deel uit van de reeks Monografieën van het Sculptuur Instituut. Het Sculptuur Instituut is gelieerd aan museum Beelden aan Zee en speciaal gericht op moderne en hedendaagse internationale beeldhouwkunst.

In deze monografie wordt voor het eerst op indringende wijze het bewogen leven en de ontwikkeling van Johan Polet (1894-1971) geschetst, een artistieke pionier met een enorme invloed. Hij debuteerde als twintigjarige met opmerkelijke schilderijen en beeldjes, waarmee hij aansloot bij de toenmalige avant-garde. Een paar jaar later werd hij al in één adem genoemd met John Rädecker en Hildo Krop, de baanbrekende Nederlandse beeldhouwers destijds. Polet trad vooral naar buiten met beeldhouwkunst voor gebouwen in de trant van de Amsterdamse School en ander werk in de openbare ruimte. Hij kreeg belangrijke opdrachten en vertegenwoordigde in de jaren twintig Nederland op grote internationale tentoonstellingen.

In de daaropvolgende periode van de grote economische crisis behoorde hij tot de weinige benijdenswaardige kunstenaars die goed van hun werk konden leven. Belangrijk was met name de opdracht voor het standbeeld van de anarchistische Ferdinand Domela Nieuwenhuis (1928-1931), nog altijd een van de beste en meest gewaardeerder monumenten in Amsterdam. Tijdens de Tweede Wereldoorlog raakte de naam van Polet in diskrediet door dubieuze politieke vriendschappen en zijn samenwerking met de bezetter. Ook maakte hij als vakgroepleider beeldhouwkunst deel uit van de Nederlandse Kultuurkamer, de overkoepelende nationaalsocialistische kunstenaarsorganisatie. De kunstwereld keerde zich daardoor van hem af en hij ondervond de rest van zijn leven professionele en maatschappelijke belemmeringen. Een hoogtepunt van zijn kunnen had zijn Scheppende Wil moeten worden, de meer dan levensgrote neoclassicistische mannenfiguur die hij maakte voor de entreehal van Museum Boijmans in Rotterdam. Hij begon eraan in 1935 en heeft er tot 1952 aan doorgewerkt. Na de overdracht is de figuur direct naar de kelders verdwenen, zonder vervolgens ooit opgesteld te hebben gestaan. Het beeld wordt in deze uitgave, net zoals veel andere werken van Polet, voor het eerst afgebeeld en besproken.